Drift, parel van het oosten

Laat de naam Brent Roozendaal vallen en iedereen die de laatste tien jaar serieus met elektronische muziek bezig was weet over wie het gaat. De geboren Achterhoeker is al jaren als dj op menig feest te vinden, en met Have A Nice Day Festival, Wave Festival, Breakfast Club en voorheen Mood Elevator en Crackhouse is hij betrokken (geweest) bij veel evenementen. Toch staat zijn naam het meest synoniem met Drift - om te dansen; misschien wel de meest vooraanstaande promotor buiten de Randstad.

Aankomende zaterdag 29 november vindt Herfstdrift plaats bij de Vasim in Nijmegen, de stad waar Brents naam (en hart) het meest aan verbonden is. De organisatie is twaalf jaar geleden mede-opgezet door Roozendaal en een groep vrienden. De laatste acht jaar vormt hij met Diede van Overbeek een hecht team. En waar Drift al jaren een begrip is in Nijmegen en omgeving, is het sinds 2011 ook een van de meest toonaangevende linkshandige dancefestivals van het land – zowel in de lente en in de herfst. Dit weekend begroet Drift onder meer Marcel Dettmann, Bicep, San Soda, Rødhåd, Vakula en Magic Mountain High.

Geitenwollensokken
‘Geld interesseert me eigenlijk geen moer,’ stelt Roozendaal. ‘Ja, het is nodig voor een gezonde bedrijfsvoering en het is fijn als je er iets aan overhoudt. Maar ik wil vooral ondernemen, dat vind ik het mooiste wat er is: iets bedenken en het vervolgens uitvoeren. Het is een droom om met vrienden te mogen samenwerken en om jonge getalenteerde mensen aan het werk te kunnen zetten.’

Als hij zijn ethos beschrijft is het niet vreemd dat hij in Nijmegen goed gedijt. Een fijne plek volgens Roozendaal, met relaxte mensen en een wat linkse alternatieve sfeer. Het laat zich volgens hem nog het meest vergelijken met Groningen, terwijl er dertig kilometer verderop in Arnhem alweer een ander gevoel heerst. ‘Iedereen die ik meeneem wordt verliefd op Nijmegen. Al kan mijn zus er niet tegen, die vind het weer teveel geitenwollensokken, net zoals ik andersom Utrecht weer verschrikkelijk vind. Het is vlees noch vis, daar kan ik niet tegen.’

Cassettebandjes
Hij groeide op in Borculo bij Zutphen voordat hij in 1998 naar Nijmegen verhuisde voor zijn studie. Al in de Achterhoek kwam hij in contact kwam met de dj-cultuur via zijn oom, die draaide in een gaydiscoheek in Enschede en later veel in de Duitse housescene te vinden was. Voor zijn neefje maakte hij cassettebandjes met bijvoorbeeld een album van Der Dritte Raum – een act die een paar jaar later een van de eerste internationale headliners bij Drift zou worden. De jonge Roozendaal luisterde in zijn vroege tienerjaren vooral naar gitaarmuziek van The Velvet Underground, The Ramones, Sonic Youth en Joy Division, waarbij de stap naar Kraftwerk en The Prodigy snel was gemaakt. Op de Havo zat hij in de klas met Geurt Kersjes, die later als artiest naam zou maken als Pitto. Samen zaten ze in de schoolbanken met dikke capuchons op, allebei een oortje in, om tijdens de lessen muziek te checken. Aan het einde van de middelbare school bezocht hij zijn eerste housefeesten in de buurt. Het Burgerweeshuis in Deventer (zijn eerste techno-feest met Lady Aïda), de Atak in Enschede of illegale feesten, om al snel stad en land af te reizen om te belanden bij Now & Wow, Sonne Mond Sterne of Timewarp. Ook Roozendaal bezocht Doornroosje nog voordat hij in Nijmegen woonde, het poppodium dat de belangrijkste uitvalbasis voor Drift zou worden.

drift_festival_2014_-4_kopie_2.jpg
Pitto & Rosal

Al snel besloten zowel Kersjes als hijzelf dat ze wilden draaien. Ze gingen optreden als Pitto & Rosal en als Mood Engineering (later Mood Elevator, een clubavond in het Utrechtse Tivoli de Helling). Toen hij in Nijmegen belandde kocht hij draaitafels en was vaker thuis achter zijn decks of in platenzaken te vinden dan in de studiebanken voor zijn opleiding tot leraar geschiedenis. ‘Dat ik acht jaar over mijn HBO-opleiding heb gedaan zegt genoeg.’ Plaats delict voor de leerplichtwetambtenaar was platenzaak De Waaghals, volgens Roozendaal een zaak met een kleine maar actuele dance-sectie, waar veel platen in de bakken stonden van artiesten die ook op Planet Rose optraden. In het begin zocht hij vooral naar harde techno van Oscar Mulero, Surgeon of de Napolitaanse sound.

...‘Underground in de techno-scene
bestaat in mijn ogen niet echt meer,
misschien op een enkele illegale
onder een burg na'...


Al snel ging hij opzoek naar een locatie om te draaien, en toen dat nergens kon besloot hij vastberaden dan maar zelf een plek te creëren. Dus liep hij een net geopend danscafé binnen in Nijmegen. Geïnspireerd door de avond Basic Grooves in de Atak in Enschede besloot hij een avond op donderdag te initiëren. Die avond – welke recent door o.a. Bas Amro nieuw leven is ingeblazen – vond destijds wekelijks op donderdag plaats met onder meer resident-dj Joris Voorn. En ondanks dat Enschede niet te boek staat als epicentrum van dansend Nederland liep die avond goed. Als het in Enschede kan dan moet het in Nijmegen helemaal lukken, dacht Roozendaal, aangezien Nijmegen al jaren een sterke elektronische muziekscene had en een levendige studentenstad is. ‘Mijn studiegenoten van de lerarenopleiding kreeg ik niet zo snel mee, maar in het nachtleven leerde ik snel mensen kennen. Het ging zo goed als dat als ik in die tijd even geen geld had ik gewoon een evenementje organiseerde. Na een tijdje kwam je op het punt dat als ik een flyer uitdeelde, mensen wisten dat het tof zou worden.’

Bootje onder
Al snel besloot hij het samen met Bob van Hoove en Marc Tims het groter aan te pakken. Helaas viel het eerste Drift feest letterlijk in het water. De eerste editie zou op een boot plaatsvinden met aan boord 250 man, maar de schipper durfde het niet aan. ‘Ik had de contracten niet goed geregeld waardoor we last-minute moesten uitwijken naar een keldertje. Vandaaruit zijn we eigenlijk vrij snel in Doornroosje terechtgekomen.’ Onder de noemer Fair Priced Electronic Entertainment kon op 29 april 2004 voor drie-en-een-halve-euro gedanst worden bij dj’s Darko Esser en Boris Werner. Dansen voor een klein prijsje op feestjes, dat miste Roozendaal in Nijmegen, met naast muziek ook aandacht voor decor en randzaken, al dan niet een beetje knullig uitgevoerd maar met passie gedaan. Planet Rose was op zaterdag qua sfeer juist vrij donker. De techno-scene van toen liet zich volgens Roozendaal moeilijk vergelijken met die van nu, het was een stuk mannelijker met veel blote borstkasten. ‘Underground in de techno-scene bestaat in mijn ogen sindsdien niet echt meer, misschien op een enkele illegale onder een burg na. Ik was er erg blij mee dat het op Drift na een tijdje drie keer harder los ging dan op Planet Rose. Het was echt een ding waar een jonge groep mensen, met relatief veel vrouwen, naar uitkeken. Ik heb filmpjes, je weet niet wat je ziet, de mensen hangen letterlijk aan het plafond!’

drift_festival_2014_-1_kopie4444.jpg
Calimero
Roozendaal bleek met Drift fanatieker dan de rest van de crew. Er volgde een periode waarin hij het niet meer zo zag zitten met Drift omdat hij voornamelijk in zijn eentje de kar moest trekken. Het was Pitto die hem overhaalde om na vier jaar de handdoek niet in de ring te gooien. Kersjes was in het begin ook zelf bij Drift betrokken maar viel er al gauw tussenuit omdat hij zich richtte op muziekproductie en in Enschede woonde. Roozendaal besloot de frequentie van feesten omlaag te schroeven, het te verplaatsen van de donderdag naar de vrijdag, en grotere namen te boeken. ‘Dat is een goede keuze gebleken. We boekten toen artiesten als Wighnomy Brothers, Karotte en Andre Galluzi en verkochten steeds twee zalen vierkant uit.’

Het was een sound die in Amsterdam al groot was maar in de regio Nijmegen volgens Roozendaal nog moest landen. Dit komt volgens hem mede omdat je goede contacten en een profiel moet hebben om bepaalde artiesten alleen al te kunnen boeken buiten de hoofdstad. ‘Der Dritte Raum was voor ons daarom een mijlpaal omdat we nu met Cocoon konden samenwerken, een paar jaar later was de eerste keer Ben Klock ook zo’n moment. Je voelt je toch een beetje een Calimero. Al is het tegenwoordig juist eerder een kracht. Wij hebben minder met exclusiviteitdeals te maken omdat we niet zozeer concurreren met Amsterdam, al hebben we er ook mee te maken. Het komt heel erg op je persoon aan of je een artiest kan krijgen. Al hadden we met Doornroosje natuurlijk ook een streepje voor. Via Darko Esser kregen we bijvoorbeeld Raresh.’

Maar wat is nou het kenmerkende verschil in de programmering tussen Planet Rose en Drift? Het programma kent toch een behoorlijke overlap, waarbij Drift net als Planet Rose ook de breedte zoekt. In het verleden kon na een avond met Cari Lekebusch de editie erna zomaar Dennis Ferrer langs komen. Roozendaal: ‘Ik vind dat wij progressiever boeken dan Planet Rose. We durven meer omdat we een sterke achterban hebben die speciaal voor Drift komt. Zo hebben we in een vroeg stadium house-avonden geprogrammeerd met Fred P, Levon Vincent, Deadbeat, en Prosumer. We hebben gaande de jaren steeds iets meer de randjes proberen op te zoeken. Daarbij is het blijven zoeken naar verbreding en vernieuwing. Het draait om de balans tussen enerzijds Drift als verlengstuk van mijn eigen smaak, en anderzijds wat het publiek verlangt. Het is niet zo dat ik van iedere artiest persoonlijk heel warm wordt.’

...'Drift Festival is in zekere
zin ook wel echt een geesteskind
van hem en qua opzet een
soort kloon van Source'...

Wonen in de Randstad, feesten in Nijmegen?
In 2008 besloot Roozendaal naar Amsterdam te verhuizen. In Nijmegen kende hij inmiddels zoveel mensen dat als hij in de Roosje kwam hij de hele avond handjes stond te schudden. In Nijmegen werkte hij inmiddels intensief samen met Diede van Overbeek waardoor Drift zijn wortels in de scene hield. Waar Roozendaal de ideeëntank is, zorgt ‘realist’ Van Overbeek voor balans. ‘Gek wordt hij af en toe van mij. Hij zorgt er letterlijk voor dat alles wat uitgevoerd moet worden - van productioneel tot administratief – tot in de puntjes goed verloopt. Zonder hem zou ik weinig gedaan krijgen. Hij is pragmatisch, een uitvoerder eerste klas, die heel helder heeft wat haalbaar is en wat niet. Het niveau van de productie en aankleding komt voor een groot deel op zijn conto.’

903297_835370319810830_3433828396244849032_o_kopie_2.jpgFoto: (l) Brent Roozendaal en (r) Diede van Overbeek

Toch woont Van Overbeek inmiddels ook niet meer in Nijmegen maar in Rotterdam. Hoe blijven ze voeling houden met de lokale scene? Volgens Roozendaal organiseert Drift naast de twee festivals en de grote clubavonden in Roosje ook kleinere evenementen in Merleyn of tijdens de Vierdaagse waar ze jaarlijks zeven avonden op rij een avond doen. ‘We krijgen nog steeds voeding van de onderkant met het boeken van veel jonge lokale talenten. Ik boek bijna nooit jonge gasten uit bijvoorbeeld Amsterdam. Vaste residents zijn er niet, maar er is een brede groep met jongens als Davy Brands, ESHU, Emilio Bestevez, Luuk Kielen, Alex Janssen, Wouter Brok en Thomas Elmore, die ieder een gevolg meenemen.’

Fuckin’ genie
In mei 2011 vond het eerste openluchtfestival plaats. Een stap die werd gezet nadat het besef ontstond dat er wel eens genoeg draagvlak voor een Drift festival in de regio zou kunnen zijn, na een succesvol grootschalig Nieuwjaarsfeest. Het werd werkelijkheid toen Matthijs Theben Terville in de picture kwam. Theben Terville had ervaring met het organiseren van festivals met zijn concept Source. Een festival dat plaatsvond tussen 2007 en ’11, maar dat failliet ging door pech met onder meer noodweer, en wellicht iets te ver voorliep op de tijdsgeest. Vooral de laatste twee edities van dit festival staan bekend om een progressieve programmering met artiesten als DJ Harvey, Moodymann, Kode9, Legowelt, I-F en Robert Hood. Dat is nu misschien gangbaar, maar rond 2011 was rechttoe-rechtaan tech-house nog de norm.

Roozendaal: ‘Ik kon het goed met Matthijs vinden. Het ging niet helemaal lekker met Source en hij zag een samenwerking met Drift wel zitten. Drift Festival is in zekere zin ook wel echt een geesteskind van hem en qua opzet een soort kloon van Source. Die gast is een fuckin’ genie als je ook ziet wat hij daarna met Dekmantel Festival heeft gedaan.’

...'Mijn ambities liggen
uiteindelijk niet in het
organiseren van dancefestivals'...

drift_festival_2011_kopie_23.jpg
Sinds Theben Terville zijn heil bij Dekmantel is gaan zoeken is Drift volgens Roozendaal wel weer ‘meer Drift’ geworden. ‘Ik denk dat wij nu dichter op ons publiek zitten en vice versa. Voor mij is een goed festival een festival waarbij je de persoonlijkheid van de organisator terugziet. Je moet daarin je eigen stijl ontwikkelen, en ik ben er de afgelopen jaren achter gekomen dat zijn stijl niet zozeer de mijne is.’

Buiten de dancescene
Die stijl zit hem de laatste tijd in het initiëren van projecten als Drift om te Horen (tegen gehoorschade) en de kunstinstallaties met het collectief Oddstream. Ook is er de ambitie om het komende zomerfestival een dikke afrobeat-stage toe te voegen met een flink programma. De wens is om van vijfduizend uiteindelijk verder te groeien (het Vasim-terrein kan maximaal 10.000 bezoekers aan). Daarbij werd afgelopen dinsdag bekend dat een Nationaal Vrijheidsmuseum op het terrein definitief van de baan is. Echter kunnen de strenge geluidseisen ervoor zorgen dat Drift Festival in de toekomst zou moeten uitwijken naar een andere gemeente met minder rigide voorschriften.

Een paar weken na Herfstdrift organiseren Roozendaal en Van Overbeek op hetzelfde terrein het evenement Smkmrkt waarbij de focus niet op muziek ligt. Het zou weleens een voorbode kunnen zijn van de toekomst van Roozendaal. ‘Ik heb grote ambities om in de toekomst evenementen te organiseren die veel breder gaan met maatschappelijke betrokkenheid en creativiteit in de breedste zin van het woord. Mijn ambities liggen uiteindelijk niet in het organiseren van dancefestivals. Ik ben benieuwd waar ik over vijf jaar sta.’