De Lichting heeft talent

Waarom doen we het niet gewoon zelf? Die vraag is ongetwijfeld gesteld door iemand van ‘t stel die dacht, dondert ons het, genoeg prima tracks in de folders, laten we het samen en in eigen beheer de wereld in slingeren, hebben we niemand anders voor nodig. Resultaat? Amsterdamse DIY in optima forma. 

De Lichting is een collectief van aanstormend, Nederlands talent dat in krap anderhalf jaar tijd drie compilaties uitbracht. Eén, Twee en Drie laten de titels van die verzamelaars weinig aan de verbeelding over, met muziek van Nathan Surreal, queniv, RDS, Eversines, KAAP, Human Space Machine en Boris Acket. Die zelfbenoemde lichting produceerde samen 30 tracks, variërend van melodische breakbeat- en jungle-techno, tot dartelende IDM en klassieke house zoals die vroeger uit de Detroit garage van Kenny Larkin galmde. 

Een paar van die namen ken je wellicht van eerdere projecten. Eversines maakte indruk met Bloei, een ep op ninih, sublabel van Yeyeh (nog zo’n veelbelovend, nieuw Nederlands project met o.a. een prachtrelease van Spinvis die teksten van dichter Simon Vinkenoog op beat en melodie zette).

Voor Crack Magazine boetseerde Eversines deze wonderschone ode aan de theremin, als dj staat-ie steeds vaker op affiches van De School. Dat laatste kan queniv ‘m nazeggen, terwijl Human Space Machine eerder op Indigo Aera’s sublabel AEX landde. KAAP en Boris Acket brachten muziek uit op hun eigen label Working Titles, en ook ambient-cassette De Tuin (door die laatste twee) verdient een eervolle vermelding. Checken, want het talent van De Lichting komt in vele gedaanten en genres. 

Zeven tracks staan er op het onlangs verschenen Drie, de uitschieters zijn van queniv, Eversines en RDS. Laatstgenoemde bracht zover ik weet enkel tracks uit bij De Lichting, in totaal vier nummers die ondanks dat ze in tempo en intensiteit variëren eenzelfde soort warm en troostend sound design etaleren. Op Drie staat het nummer ‘224’, met breakbeat drums à la Overmono en new age-melodieën die traag van kleur verschieten. 

Eversines tekent voor het minimalistische ‘DD2’ dat opent als een experimentele soundscape die dankzij een knisperende microhouse-beat subtiel tractie krijgt, een beetje zoals de beste minimal techno uit de tijd van Steve Bug’s Poker Flat. Leg je oor tegen de speaker, dan hoor je dat ‘DD2’ zachtjes ontploft, zoveel detail borrelt er richting oppervlak. Ook queniv levert een bovengemiddeld sterke track af met ‘I Think I’ve Got It’ dat qua sfeer, diepte en opbouw doet denken aan Boards of Canada, totdat halverwege de diesel langzaam op stoom komt en koers richting psychedelische dansvloer zet. 

Maar zoals bij alle talentvolle lichtingen kent ook dit Amsterdamse collectief haar eigen spielmacher, het creatieve brein dat achteloos met briljante pasjes strooit en het middenveld van creativiteit voorziet. KAAP produceert met ‘External World’ een indrukwekkend stuk muziek dat op verschillende tempi door je speakers suist. De percussie slaat je niet vol in je gezicht maar hangt nonchalant achterover in de compositie, waar het zich als een draaikolk rond een steeds prominenter maar ijl synthlijntje wikkelt. Met gevoel voor drama zwengelt KAAP de arpeggio’s aan en culmineert ‘External World’ in iets dat je op een dik paar speakers in een stikdonkere club wil horen. Muziek voor benen én hoofd.

Tof om te zien dat er weer een nieuwe generatie aan de poorten rammelt. De Lichting heeft talent.