Naomi Velissariou: theater in de club

Hardcore op een theaterfestival. Een dinsdagavond in de ravekelder van Shelter. Het Over Het IJ Festival programmeert normaal gesproken toneel, maar de Vlaamse theatermaakster Naomi Velissariou (1984) speelt haar stuk Permanent Destruction – The SK Concert in de Amsterdamse club. En dat past, zo blijkt na uur voorstelling, perfect.

Hardcore op een theaterfestival. Een dinsdagavond in de ravekelder van Shelter. Het Over Het IJ Festival programmeert normaal gesproken toneel, maar de Vlaamse theatermaakster Naomi Velissariou (1984) speelt haar stuk Permanent Destruction – The SK Concert in de Amsterdamse club. En dat past, zo blijkt na uur voorstelling, perfect.

Begeleid door een elektronische soundtrack van producer Joost Maaskant en tegen een decor van ratelende LED-lampen, stroboscopen en visuals ontworpen door Frederik Heyman, zingt, grunt en praatspuugt Velissariou over een hardstyleplaat: ‘‘Death is my lover and he wants to move in.’’ SK staat voor Sarah Kane (1971 – 1999), een Britse toneelschrijfster met slechts vijf stukken op haar naam. Haar laatste twee werken, Crave en 4.48 Psychosis, behoren volgens critici tot het meest baanbrekende werk dat ooit voor theater werd geschreven; ze worden wereldwijd nog altijd gretig opgevoerd. Naomi: “Met thema’s als zelfhaat, onbeantwoorde liefde, zelfdestructie en de dood is haar oeuvre op z’n zachtst gezegd duister te noemen, maar tegelijkertijd zijn Kanes teksten doordrenkt van een onmiskenbare levenslust. ”Op die discrepantie slaat Velissariou aan. ‘‘Kane verenigt een abstracte manier van levensbeschouwelijk denken met diepe, duistere onderbuikgevoelens. Daarom wordt haar werk zo vaak gespeeld door theaterstudenten en trekt het zo veel jonge mensen aan. Dat obsessieve verlangen dat altijd gepaard gaat met pijn, dat herkent natuurlijk iedereen maar het is op een bepaalde leeftijd wel prominenter aanwezig.’’

Permanent Destruction – The SK Concert is een conceptalbum op het toneel. Velissariou noemt James Ferraro’s NYC, Hell 3:00 AM als voorbeeld. “Ook daar hoor je verschillende muziekgenres maar staat één thema centraal.” Dan lachend: ‘‘Misschien dat jullie lezers wél snappen waar ik het over heb als ik zeg conceptalbum. In andere media wordt dat altijd geschrapt, terwijl het nogal essentieel is.’’

''Als het goed is zit je na een theaterbezoek vol nieuwe energie, net als na een clubavond of festivaldag''

Omdat ik wil weten waar voor Velissariou de link tussen clubcultuur en theater zit spreek ik haar een paar dagen voor de voorstelling op het terras van de Amsterdamse Tolhuistuin. Ruim negen jaar woont ze nu in Nederland, waarvan zes in Amsterdam. ‘‘Ik ga hier veel te weinig uit. VoorNederlanders lijkt de club altijd een aanleiding voor seks’’, lacht ze. ‘‘Het lijkt wel of dat de enige plek is waar jullie op elkaar af durven stappen. Dat maakt het hier niet altijd even relaxt om uit te gaan, gesteld dat je gewoon wil dansen.’’

Ter voorbereiding op dit interview las ik een recensie van Kanes werk in The Guardian. ‘‘There are apparent homages to T.S. Eliot’s The Waste Land and the stranded protagonists of Samuel Beckett’s plays, unable to move forward or back, doomed to forever repeat themselves in an unending loop.’’ Velissariou: ‘‘Het dwangmatige wat vaak in elektronische muziek zit, probeer ik ook in mijn theater te leggen. Dat compulsief repetitievevan een beat, een loodzware bas die je van je sokken blaast. Bij goeie drum ’n bass merk je bijvoorbeeld dat de suspense altijd hoog wordt gehouden, dat er nooit écht gas wordt teruggenomen. Mijn ideale theater is net zo: het houdt nooit terug, gaat heel geconcentreerd door op één idee, is explosief en loodzwaar tegelijk.

Als het goed is zit je na een theaterbezoek vol nieuwe energie, net als na een clubavond of festivaldag. Het is niet óf denken óf feesten, pijn en party kunnen makkelijk samen bestaan in deze kunstvorm van het theatrale concert. In het beste geval werkt het extatisch.’’ 

Velissariou noemt Miss Kittin. ‘‘Haar muziek is eigenlijk ook een soort theater. Met Permanent Destruction spelen we veel met dat idioom van de geile mechanische vrouwenstemmen op zware electro kicks. Wij zingen ‘‘I am sad” en “I can’t fuck”, Miss Kittin zingt “to be famous is so nice” en “suck my dick, kiss my ass". Zij is eigenlijk een topactrice. Ze is totaal ironisch en ernstig tegelijk.Ik heb haar weleens live gezien en dan stond ze in een minirok met eenfles wodka in de ene en een microfoon in de andere hand, compleet naar de klote te gaan achter de dj booth. Maar ondertussen is het wel feest. Daft Punk is de strakke variant daarvan, hun optredens zijn voor mij ook gewoonvoorstellingen. Dat is vaak zo grappig bij liveoptredens van elektronische muziek. Dat die gasten moeten doen alsof ze alles op dat moment live spelen, terwijl dat natuurlijk niet kan. Als je wil dat het vet klinkt moet je alles op voorhand maken en live doen alsof je op de knoppen drukt. Wanneer je dan ook nog zoals Daft Punk een pak aantrekt en je gooit er een strakke  lichtshow overheen, heb je volgens mij gewoon een voorstelling.’’

''Wat nu een rave is, heette in de oudheid een theatermarathon''

‘‘Theater is ontstaan vanuit een festivalcultuur. Wat nu een rave is, heette in de oudheid een theatermarathon. Je keek drie tragedies achter elkaar, daarna nog een komedie en vrat en dronk de hele tijd. Tegen de tijd dat je naar huis moest was je al je sores vergeten. Het was letterlijk een bacchanaal, een viering van Bacchus, de god van het theater én de wijn. En die vieringengingen dagenlang door. Daar is theater ontstaan. Daarna is het eigenlijk alleen maar serieuzer geworden, is enkel het drama van de tragedie marathons overgebleven. Met de festivalcultuur zie je dat het aspect “viering” weer een beetje in het theater terugkomt. Als je mij vraagt naar de gemene deler tussen theater en clubcultuur, is dat het: beide zijn vieringen, met als doel om gezuiverd te worden. Pijn en party staan in die zin heel dicht bij elkaar. Als je uit je plaat kan gaan en je pijn mag tegelijkertijd bestaan, is dat voor mij het toppunt van een goeie avond uit. Het maakt niet zoveel uit of je dan in een kelder staat te raven of in een schouwburg zit te janken.”

The SK Concert is letterlijk wat de titel belooft: een concert dat van mierzoete autotune-pop naar snoeiharde hardcore raast, maar waar Velissariou het meest imponeert tijdens haar monoloog. Wanneer ze de zaal inloopt en voor de bar van de Shelter over compromisloze liefde spreekt, heeft ze de zaal bij de strot. Ook de slotscene is met een klassieke tranceplaat letterlijk en figuurlijk de opmaat voor de dood. Joost Maaskant componeerde niet alleen de muziek maar staat als onderdeel van de fictieve band op het toneel. Ook in eerdere voorstellingen werkte Velissariou met geluidskunstenaars. ‘‘Zodra er muziek is voelt het voor mij niet meer als werk. Schrijven voelt als werken, muziek maken voelt als vrije tijd.’’

The SK Concert deed mij denken aan de hardcore- en hardstylefeesten waar ik vroeger zelf kapotging. Slikken, snuiven, hakken tot je emotioneel zo afgestompt was dat je geen vermoeidheid, depressie of angsten meer voelde. En dóór willen. Langer dansen, vaker dansen, ieder weekend dansen. Zelfhaat en levensvreugd gingen hand in hand. Permanent Destruction. Noem het vergezocht, maar zoals Sarah Kane weigert om compromissen in de liefde te aanvaarden, zo doe je dat tijdens een écht goeie clubnacht ook. Dan ga je niet om drie, maar om zeven uur ’s ochtends naar huis. Dan drink je geen twee, maar acht wodka. Slik je geen halve maar een hele pil. Het is net zo levenslustig als dat het puberaal is. Velissariou: ‘‘Na een avond snoeihard dansen zit er endorfine in je kop, het werkt bevrijdend. Alsof je een dag lang hebt gesport.’’

Dan volgt nog een bekentenis: ‘‘Ik ben al veel te lang niet in een club geweest. Theatermensen willen altijd maar naar de kroeg, praten en drinken. Terwijl ik juist meer inspiratie en kracht uit een nacht lang dansen haal.’’ Ze bijt op haar lip. ‘‘Nu ik er zo over zit te praten krijg ik verdomd veel zin om uit te gaan.’’

Permanent Destruction – The SK Concert is een productie van Theater Utrecht, Rudolphi Producties en C-Takt en is van donderdag 19 t/m zaterdag 21 juli nog in Shelter en later deze zomer o.a. op Lowlands te zien, de volledige speellijst vind je hier