Nacht voor de Nacht: Museumnacht voor clubs

Op zaterdag 25 februari vindt in Amsterdam de eerste Nacht voor de Nacht plaats. Op initiatief van Stichting N8BM A’dam, de hoofdstedelijke organisatie die de laatste jaren met steeds meer succes bruggen tussen lokale beleidsbepalers en de aanjagers van nachtcultuur bouwt, openen twintig clubs overdag en ’s nachts hun deuren. Voor de reguliere bezoeker, maar ook voor buurtbewoners. Nachtburgemeester Mirik Milan legt uit.

Wat is de Nacht voor de Nacht?
Milan: ‘‘Zie het als de Museumnacht maar dan voor clubs. Nacht voor de Nacht is een jaarlijks terugkerend, stadsbreed evenement dat de nachtcultuur wil promoten. Er zijn 1000 passe-partouts a 15 euro te koop waarmee je van club naar club kan hoppen. Voor een schijntje krijg je toegang tot alle clubs. We hebben echt het hele aanbod, de twintig meest vooraanstaande clubs doen mee. Van Bassline in Paradiso tot De School, maar ook Multigroove in de Westerunie en de NYX.’’

Daarnaast schrijven jullie aan een soort van manifest van het Amsterdamse nachtleven?
“We hebben alle deelnemende clubs geïnterviewd. Daar zijn twintig artikelen uitgerold. Waarom doe je wat je doet? Wat vind je belangrijk? Waar wil je naartoe? Wat te weinig mensen zien is dat er heel veel liefde in zo’n club gaat, terwijl ze maar twee of drie dagen per week open zijn. In die korte tijd moet het gebeuren. Festivals zijn nog altijd ontzettend populair en dat is goed, maar het begint in de club. Clubs vormen de eerste schakel in de keten, daar krijgt talent voor het eerst een podium, kunnen frisse promotors hun ideeën ontwikkelen.’’

Het lijkt me ook een kans om de zichtbaarheid van jullie eigen stichting te vergroten?
‘‘Zeker. We willen graag laten zien wat Stichting N8BM A’DAM voor clubs, maar ook voor buurtbewoners kan betekenen. Door tijdens de Nacht voor de Nacht een kaartje te kopen support je onze stichting. De clubs doneren een euro per verkocht ticket aan ons. Het geld gebruiken we om de komende edities mede te financieren.’’  

Kan je nog eens uitleggen wat clubs aan jullie hebben?
‘‘Wij vormen als onafhankelijke stichting de lijm tussen de lokale beleidsmakers en clubs. Wij treden op als belangenbehartiger van organisatoren en vertegenwoordigen, onder andere bij de gemeenteraadsverkiezingen in 2018, jeugdcultuur. Een van onze functies is het aanjagen van discussies in de media, maar we zorgen er bijvoorbeeld ook voor dat de kennis van ondernemers bij de beleidsmakers terecht komt. Bij de gemeente werken ze keihard aan de stad, maar je moet wel dat soort kennis hebben om te weten wat er buiten de muren van het gemeentehuis speelt. Wij weten wat de gemeente wil, maar wij weten ook wat de clubs willen en zorgen voor het contact.’’

Neemt de gemeente jullie inmiddels compleet serieus?
‘‘Absoluut. Ze zien dat wij ons redelijk opstellen. Dat we niet alleen maar meer, meer, meer nachtleven willen, maar dat het ons om kwaliteit gaat. Wat we hebben gezien is dat er prima met de gemeente valt te onderhandelen, zolang de clubs bereid zijn om de wensen vanuit het stadhuis aan te horen. Dat gaat vaak over horecabeleid, openbare orde en veiligheid. De burgemeester wil graag meewerken aan de verruiming van openingstijden, maar dan moet er ook iets tegenover staan. Ondernemers vinden dat vaak prima want die denken graag mee over hoe het beter kan voor de club, maar ook voor de buurt.’’

Het Amsterdamse clubleven staat er goed voor, al valt er ook nog veel te verbeteren. Dan heb ik over de diversiteit van het aanbod en het soort publiek dat een gemiddelde club waar elektronische muziek wordt geprogrammeerd trekt
‘‘Zeker, ik denk dat het belangrijk is dat we ons niet alleen op blanke, hoogopgeleide housers richten. Ons nachtleven kan qua aanbod veel diverser. Nu zijn er grofweg twee smaken: hiphop/r&b en house/techno. Op festivalgebied missen we bijvoorbeeld nog een festival waar elektronische muziek, kunst en inspirerende denkers samenkomen, zoals Den Haag dat bijvoorbeeld met TodaysArt en Rewire heeft. Ook moeten de 24-uursvergunningen beter worden verdeeld. Clubs in het centrum moeten daar ook voor in aanmerking kunnen komen bijvoorbeeld.’’

Maar dan zeggen buurtbewoners: het is al zo druk hier
‘‘Ja, maar komt dat door de clubs, of spelen andere factoren ook een rol? Ik hoor nooit iemand zeggen dat we omdat het zo druk is het Rijksmuseum maar eens een maandje dicht moeten gooien. Het is een samenspel van factoren en wij willen hier graag met buurtbewoners over in gesprek.’’

Dat kan tijdens de Club Open Deur, het dagprogramma van Nacht voor de nacht, toch?
‘‘Op zaterdagmiddag gooien we de deuren van de clubs open en nodigen we buurtbewoners uit. We stellen ze voor aan de mensen die de clubs runnen. Zie het als een soort kennismakingsgesprek, om te laten zien dat clubeigenaren ook hun steentje aan de buurt bij willen dragen. Dat daar frisse jongens en meisjes werken, die je gewoon even kan sms’en als je last hebt van fietsen voor je deur.’’

Op het randprogramma staat ook een nachtdebat dat plaatsvindt in De Balie, vertel daar eens iets meer over?
‘‘Het randprogramma is voor iedereen vrij toegankelijk. Dit bestaat uit een Nachtdebat, de lancering van kunstproject I Dance Alone en je kan reserveren voor het nachtdiner in Rijksmuseum waar wordt gekookt door chef Joris Bijdendijk. In De Balie discussiëren we met vooraanstaande vertegenwoordigers van de nachtcultuur over thema’s als diversiteit en inclusiviteit. Met het nachtdiner willen we een lans breken voor kwalitatief eten later op de avond. Mensen gaan langer uit, maar na 22.00 uur kan je alleen nog naar een hamburger- of shoarmatent. Dat past niet bij de wereldstad die Amsterdam wil zijn. Ik denk dat het goed is wanneer we dit soort zaken jaarlijks op de agenda zetten en dat iedereen die wil erover mee kan praten.’’

De eerste editie van de Nacht voor de nacht vindt plaats op zaterdag 25 februari, meer info vind je hier