DJB Report: Drift Festival 2016

Drift groeit en groeit, maar zocht de afgelopen jaren naar de juiste manier om die ontwikkeling te stroomlijnen. Het zomerfestival van 2016 was de eerste editie ‘nieuwe stijl’, en wist meer dan zesduizend man naar Cultuurspinnerij De Vasim langs de Nijmeegse Waal te trekken. Zo’n tweeduizend meer dan voorgaande jaren.

Het terrein heeft het daar soms mee te stellen. De rij voor de poort is lang, het aantal sanitaire voorzieningen is ten opzichte van voorgaande edities ongeveer gelijk gebleven, met voorspelbare consequenties. Op muzikaal vlak heeft het vooral voordelen. Er zijn dit jaar zes podia ingericht, die stuk voor stuk een eigen geluid representeren. Er is techno in de Vasim, verschillende variaties house bij Elektrabel en Nyma, italo in de garage, lokale helden bij Nimma Danst Door en een aangename potpourri bij de kleine Underpants-stage. 

Plakkerig
Bij Elektrabel heeft de Arnhemse crew van 8Bahn Dynasty het maar moeilijk om de vloer vol te krijgen. Even voor vieren is het betrekkelijk leeg voor wat traditioneel het hoofdpodium is. Tracks van onder anderen Barry White vallen niet helemaal lekker bij het publiek, maar als de zon net over zijn hoogtepunt heen is neemt Helena Hauff het roer over, dat is niet makkelijk openen. De Duitse - “ik hou niet van vrolijke muziek” - maakt binnen twee platen een versnelling en voert het tempo (nauwelijks lager dan 130bpm) en de temperatuur nog maar even op. Hauff (zwarte jeans, zwart t-shirt, doorleefd gezicht, blik op onweer) strooit met loeiharde acid en electro van Dynarec, Drexciya en Gesloten Cirkel. Ze hanteert de botte bijl, met snelle mixes en soms onnodig harde platen, zonder ook maar enig moment het raffinement te verliezen. Zeldzame klasse. 

Het is daarna even schakelen voor Aroy Dee en Marco Antonio Spaventi die na felicitaties en een knuffel aan Hauff de zware taak hebben om het als R-A-G live over te pakken. De studio wizard en het M>O>S-opperhoofd doen het desondanks wonderwel. Ze schakelen een tandje terug, maar hebben het publiek binnen een half uur voor zich gewonnen. 

Galm
Wie ondertussen de Vasim inwandelt krijgt te maken met een surreële switch. De grote hal doet denken aan de Berghain op zondagochtend en het contrast met het zonnige buitenterrein is overweldigend. Overal rook, lange zonnestralen die door de ramen vallen en dezelfde kettingzaagkakafonie die pas op de dansvloer synchroon valt. Traditiegetrouw worstelt de Vasim met het geluid. De gewelfde plafonds zorgen voor een prachtige esthetiek maar staan de klank in de weg en de organisatie zoekt ieder jaar naar nieuwe oplossingen. Ze vindt die dit jaar in een zeil boven de vloer en zware geluidsabsorberende gordijnen. 

Dat werkt wonderwel, maar soms heeft de weerkaatsing van het geluid een desoriënterend effect. Dat hoeft trouwens niet per se een nadeel te zijn. Zeker niet bij Anthony Parasole. De Amerikaan, een klasbak tot en met, speelt met bassen die klinken als een artilleriebarrage en geeft een hypnotische set voor een handvol zonschuwe dansers weg. 

Buiten, waar die zon langzaam achter het podium zakt, doet Prosumer (Achim Brandenburg) het met gestripte, klassieke house. De Panorama Bar-resident is niet vies van popmuziek. Hij draait Janet Jackson die een innige verstrengeling met een dwarsfluit aangaat, Paul Johnson met ‘Booty Call’ en Ron Trents meesterlijke ‘Altered States’. Zeker het laatste uur gaat het vooraan compleet los. Prosumer laat zijn fluwelen techniek en de kale beats het werk doen, om op het hoogtepunt de melodie te laten terugkeren in de vorm van Maurice Fultons  ‘I Want To Talk’, die je gek genoeg voor één euro uit de discountbak bij je platenboer kunt vissen. 

Even verderop zetten zowel Henry Wu als Jameszoo hoogstandjes bij het Underpants-podium neer. De Londen- en Bosschenaar volgen elkaar op en vullen elkaar aan, maar vooral Jameszoo krijgt de handen op elkaar met werk van Bonobo en een fenomenale Thundercat

Hoewel Barnt en Job Jobse een stevige back-to-back-sessie neerzetten en Donato Dozzy en Peter van Hoesen wonderen verrichten in de Vasim, sluiten we in de zon af bij Tama Sumo. De Duitse heeft een valse start door een ijverig stuitendere naald, maar herpakt zich met een zonovergoten set die de dag goed samenvatten. Waar voorganger Prosumer het zocht in zware drums doet Sumo het met lichtvoetige house vol jazz en trompetten. Glenn Underground en Louie Vega weten de plakkerige warmte goed te vangen. 

Drift ‘nieuwe stijl’ levert hier en daar wat complicaties op. De timetable is niet overal even logisch ingedeeld. Een snoeiende Hauff midden op de dag verstoort de opbouw en daar worstelen de openings-dj's mee. Er is een chronisch tekort aan toiletten, maar desondanks is er handig gebruik gemaakt van het terrein en is het nooit echt té druk. De italo-kelder onder de Vasim is de vinding van het jaar, en de verscheidenheid in de programmering doet het festival en de stad - een enkele purist daargelaten - vooral goed. Hoewel sommige details iets meer aandacht verdienen.

Aandachtspuntjes daargelaten is Drift 2016 een sterke voortzetting van een nog sterker concept. De parel van het oosten kan terugkijken op een zonovergoten editie vol hoogtepunten, om door te stomen naar een hopelijk nog sterkere herfsteditie.