DJB Signaleert: Lövestad

Daar sta je dan, als vrijwel onbekend duo in Berghains Panorama Bar tussen artiesten als Barnt, Jamie XX en Steffi. Het overkwam Jørgen Hvirring en Sjors Lammertink, samen Lövestad. De twee Amsterdammers ontmoetten elkaar enkele jaren geleden op een huisfeest en zijn hierna een live-project gestart waarbij ze een mix van genres aan elkaar rijgen. Na jaren oefenen lijken alle puzzelstukken nu pas op hun plek te vallen, dat viel ook onze roemruchte oosterburen op. ‘We dachten dat het een grap was.’ 

Wie, wat, waar?
Jørgen Hvirring, ex-metalhead en Conservatoriumstudent en Sjors Lammertink, toetsenist en soul, funk en blues-liefhebber. Leerden elkaar kennen op een huisfeest, delen een liefde voor Herbie Hancock en werden zowel muzikale partners als vrienden voor het leven.

Waarom interessant?
Schitterden vorige maand en schijnbaar uit het niks voor het eerst in Berghains Panorama Bar naast artiesten als Jamie XX, Barnt, Steffi, Ryan Elliott en Will Saul.

Klinkt als?
House met een flinke dosis funk, geraffineerd met een scherpe rand psychedelica.

Hoe voelt dat, spelen in een van de allerbeste clubs ter wereld?
Sjors: Ik kan het nog steeds niet bevatten. We zaten muzikaal gezien in een stijgende lijn, hadden hier en daar wat optredens, dus het ging allemaal wel goed. Maar alsof we ineens een paar hoofdstukken oversloegen, kwam er een mail van Berghain binnen. Dat was heel onwerkelijk. Ik dacht eerst dat het een grap was, omdat het een lange tijd niet werd vermeld op de website. [Lacht] ‘Staan we daar straks dan in Berlijn met onze spullen’, dacht ik dan.

Jørgen: We hadden rond die tijd wel het gevoel dat we muzikaal gezien in de goede richting zaten. Wij zijn beiden van kleins af aan al bezig met muziek, maar nu leken alle puzzelstukken op hun plek te vallen. We hadden eindelijk die klik gevonden, en precies op dat moment kregen we een mail van hen binnen. Dat was erg bizar. Het optreden zelf was te gek; er waren veel vrienden en we hebben veel goede reacties gekregen, ook van de Duitsers zelf. De organisatie was zelfs verbaasd over de hoeveelheid apparatuur op het podium. We hadden eigenlijk twee vliegtickets gekregen, [lacht] maar omdat we zoveel apparatuur mee hadden, hebben ze ons toch gevraagd om met de auto te komen.

Hoe hebben jullie elkaar leren kennen?
Jørgen: In CASA400 (een studentenflat in Amsterdam, red.) gaf ik een huisfeest tijdens Oud en Nieuw. Sjors woonde er ook, maar ik kende hem toen nog niet. Hij was op zoek naar een plek om wat langer door te kunnen feesten, en een vriend van hem was toevallig op mijn feest aan het draaien. We zijn toen aan de praat geraakt, hebben het over muziek gehad, maar elkaar daarna lange tijd niet gezien. Het meisje van wie die kamer was, is bevriend geraakt met Sjors en gaf anderhalf jaar later een eigen feest. We herkenden elkaar niet meer, maar dat duurde niet lang. Er stond muziek op van Herbie Hancock, voor Sjors en mij beiden een grote inspiratie. In een nummer van hem is er een manier van klappen waarbij ik altijd mee doe. Ik hoorde Sjors aan de andere kant van de kamer exact hetzelfde doen en dacht: ‘huh?!’

Sjors: We raakten weer in gesprek over muziek. Pas aan het einde van de avond herkenden we elkaar weer van het Oud en Nieuw feest in CASA400. We zijn daarna gaan afspreken en veel muziek gaan maken.

Jørgen: Hij was net zo toegewijd als ik en andersom. We hebben toen samen een nummer gemaakt en merkten al snel op dat we het beste in elkaar naar boven haalden. Eerst waren we muzikale partners, [lacht] maar je deelt alles met elkaar... voordat je het weet ben je brother from another mother.

Wat maakt het live-gedeelte in muziek volgens jullie zo speciaal?
Sjors: Ik ben een keer bij Cobblestone Jazz in Trouw geweest. Ik vond dat als toetsenist fantastisch om te zien. Die ervaring die je meekrijgt als je achter of voor die muzikanten staat en je ze letterlijk de toetsen in ziet drukken, om vervolgens het geluid direct uit de speakers te horen komen, is prachtig. Bij een plaat is dat anders. Natuurlijk is het een kunst om als dj een set te bouwen die het publiek aanspreekt, maar als ik met mijn eigen ogen zie dat er live iets ontstaat, geeft dit mij echt een kick.

Jørgen: Het leuke aan muziek is dat je je gedachten volledig kunt loslaten. Je kunt iets helemaal vanuit gevoel doen. Wanneer je live muziek maakt, heb je geen tijd om na te denken, waardoor je wordt geforceerd om je gedachten los te laten. Zeker als je zoiets samen doet, creëer je een gezamenlijk gevoel waar geen gedachte tussenkomt. Als je dat dan ook naar de luisteraar kan brengen, is de cirkel rond.

Bedoel je dat het meer overkomt als je het live ziet ontstaan?
Jørgen: Ja, dat is ook de reden dat we onlangs onze Soundcloud hebben opgeheven en over zijn gegaan op YouTube. Onze muziek is nog pril, er zitten meer foutjes in. Ik denk dat mensen dat niet gewend zijn, omdat muziek de afgelopen jaren in het algemeen dat klinische randje heeft gekregen. Maar dat gelikte wordt steeds meer losgelaten en je ziet nu dat er veel meer ‘one-takes’ worden gemaakt. Het is leuk om die overgang te zien.

''Een plaat uitbrengen is leuk, maar als we dat doen moet het wel iets bijzonders zijn''

Jullie hebben allebei een achtergrond in muziek, kunnen jullie er wat meer over vertellen?
Sjors: Mijn ouders zijn beiden hobbymuzikanten, dus bij ons thuis stonden wel wat instrumenten. Mijn vader was ook toetsenist, dat wilde ik ook. Ik heb toen veel naar blues en funk geluisterd, in bandjes gespeeld en zo ben ik gaan experimenteren.

Jørgen: Ik speelde vijf jaar lang in een metalband, maar raakte verdwaald in de elektronische muziek en wilde ik dit steeds meer combineren. Zo ben ik in een psychedelische band gaan spelen - mijn stijl evalueerde als het ware. Ik heb toen samen met een vriend een geluidsstudio opgericht, waarbij we ons voornamelijk focusten op de productie van muziek, daarna ben ik het Conservatorium gaan doen. Ik deed veel, maar had niet het gevoel dat ik overal volledig mijn ei in kwijt kon, totdat ik Sjors ontmoette. Hij heeft een soul, funk en r&b-achtergrond, waar ik weer de mistige en experimentele bodem aan gaf. Dat gaf een hele interessante combinatie.

Opvallend, want ook jullie Lövestad-sound varieert per nummer. Hoe beschrijven jullie dit zelf?
Sjors: We beginnen onze sets vaak wat rustiger en melancholischer, maar naarmate deze vordert wordt het steeds harder. Aan het einde van de rit heb je veel soorten elektronische muziek voorbij horen komen.

Jørgen: Het is house met een hele funky onderlaag, gedoopt in zeer veel psychedelische randjes. Het is moeilijk om daar een naam aan te geven. De muziek die we maken is elke keer anders, het is maar net wat ons gevoel zegt maar dit maakt het wel moeilijk om een live-set samen te stellen. Ieder nummer heeft heel weinig met het andere nummer te maken, terwijl we tijdens het optreden juist een verhaal willen vertellen. Aan de andere kant maakt dit het leuk om samen muziek te maken, het verschilt elke keer. Dit ligt ook aan onze gemoedstoestand, het is elke keer weer een emotioneel experiment en een uitlaatklep.

De tracks die jullie hebben gemaakt, willen jullie die nog uitbrengen?
Sjors: Ik denk dat wanneer boekingskantoren je aan boord willen nemen, ze ook kijken of zo'n artiest platen heeft uitgebracht, zodat ze onze muziek op hun beurt weer kunnen voorleggen bij een programmeur of organisaties. Dat hebben we nu nog niet. We hebben altijd de visie gehad om te spelen en onze muziek over te brengen op het publiek.

Jørgen: Het is de balans zoeken, er is altijd ruimte voor iets nieuws. Misschien zijn wij wel die jongens die je live moet zien, en anders niet. Een plaat uitbrengen is ook leuk, maar als we dat doen met het wel iets bijzonders zijn. Dan moet het meer zijn dan een verzameling van de nummers die we tot nu toe hebben gemaakt. Misschien moet het dan een soort opgenomen live-set zijn, die in stukken is geknipt. Het moet wat toevoegen.

21 november staat Lövestad op Georgie's Wintergarten in Ruigoord